Interfisc | Dubbele premies in de bouw
12743
page-template-default,page,page-id-12743,ajax_updown_fade,page_not_loaded,boxed,wpb-js-composer js-comp-ver-6.2.0,vc_responsive

Casus | Dubbele premies in de bouw

 

'We wisten dubbele premies in de bouw te voorkomen' - 1996

Probleem

Het is begin jaren negentig. Een Belgisch consortium onder leiding van de industriële groep CFE wint een aantal belangrijke aanbestedingen in Nederland. Ze zullen gaan meebouwen aan de sluizen van Helmond en de Piet Heintunnel. Het consortium wil een groot aantal Belgische werknemers inzetten bij de werkzaamheden.

Op een bepaald moment lees Katja van Leeuwen van Interfisc in de Staatscourant dat er gewijzigde bepalingen van de bouw cao van toepassing worden verklaard. De Nederlandse overheid wil buitenlandse bouwbedrijven verplichten om voor hun arbeiders die in Nederland werken premies te betalen voor bedrijfstakeigen regelingen als pensioen, vakantiezegels en vorstverlet. Interfisc realiseert zich dat dit bijzonder nadelig is voor de Belgische bouwbedrijven die zij als klant hebben waaronder CFE. De bouwbedrijven betalen immers ook in België premies omdat hun medewerkers daar woonachtig en verzekerd zijn. Nu moeten zij plotseling dubbele premies betalen. CFE heeft de extra kosten niet doorberekend in de offertes waarmee zij de aanbestedingen wonnen. Het is hierdoor sterk de vraag of ze wel binnen de door hen gehanteerde kostprijzen kunnen leveren. De projecten komen op de toch te staan.

Oplossing

Robert Mahieu van Interfisc licht de Belgische bouwbedrijven in over de ontwikkelingen. André Hamulyák en Katja van Leeuwen tekenen bezwaar aan bij het ministerie van Sociale Zaken. Katja:”De Nederlandse overheid wilde buitenlandse arbeiders gaan belasten. De overheid was bang voor valse concurrentie door goedkopere buitenlandse arbeidskrachten. Ons bezwaar tegen de algemeen verbindend verklaring van de bouw cao werd van tafel geveegd.”

André: “Toen heeft Katja contact opgenomen met de vakbonden en werkgeversorganisaties in Nederland en België, die gelukkig ook vonden dat deze ontwikkelingen niet wenselijk waren. Met een vertegenwoordiging van beide landen hebben we voor elkaar gekregen dat de Nederlandse cao-bepalingen werden aangepast. Als Belgische bedrijven konden aantonen dat zij voor hun medewerkers in België premies afdroegen waren zij daarna bij detachering van deze werknemers in Nederland vrijgesteld van premieverplichtingen. En dit gold vice versa voor Nederlandse bouwbedrijven in België.”

Katja: “In een later stadium is er, in lijn met de afspraken tussen Nederland en België, een vergelijkbaar accoord gesloten met Duitsland. Ik ben er nog altijd trots op dat we, in samenwerking met de federaties, de dubbele afdracht van premies voor onze klanten hebben weten terug te draaien.”